Ik zag laatst een aflevering van ‘The A-team’ uit de jaren ’80. Er kwamen een paar vrouwen in voor, die helemaal volgens de mode van die tijd waren gekleed: breed gevulde schouders, lange soepele colbertjasjes, smalle riempjes en een krullig kapsel met veel haar bovenop het hoofd. Ken je de Dolly Dots nog? Zoiets.

Vroeger droeg ik ook dat soort kleding. Ik vond dat toen mooi. Nu zijn we 40 jaar verder en ik zou het voor geen goud meer aantrekken. Zo gaat dat dus met ‘mooi’: er zit kennelijk verandering in. Ook in kunst ze je stromingen en ‘modes’, die door de tijd heen veranderen. Kennelijk is kunst voor een deel aan mode onderhevig, hoewel veel minder snel en duidelijk.

Franse tuinen, zoals de tuinen van Versailles, zijn heel formeel: alle paden, perken en waterpartijen precies geometrisch en symmetrisch. Daarna kwamen Engelse tuinen in de mode. Die waren het tegendeel: kronkelige paadjes, liefst heuvelachtig, asymmetrisch met veel afwisseling. Ook in tuinen zijn modes en kan ‘mooi’ grote veranderingen ondergaan.

Aan kunstvoorwerpen kun je goed zien wat men in de tijd waarin het gemaakt werd ‘mooi’ vond. Gebruiksvoorwerpen uit die tijd zijn er vaak niet meer, omdat ze versleten zijn en weggegooid, maar kunst verslijt niet en blijft vaak in de familie. Wat mensen ‘mooi’ vinden, hangt af van de ‘kunstmode’ in een tijdperk, gecombineerd met persoonlijke smaak.

‘Mooi’ is een woord dat je heel gemakkelijk in de mond neemt. Het geeft aan dat iets bij je in de smaak valt.

Volgens een woordenboek is ‘mooi’: aangenaam om te zien of te horen, fraai. De filosoof Kant zegt: “Wij vinden een object ‘mooi’ omdat het een innerlijke harmonie bevordert, onze geestelijk vermogens de ruimte geeft of als het ons genot geeft het te zien. Als een object onze emoties, ons intellect en onze verbeelding stimuleert.

Soms is kunst rauw, niet harmonieus of uit balans, maar vind je het toch een geweldig kunstwerk. Dan is bijvoorbeeld het materiaalgebruik of het verhaal ijzersterk, waardoor de uiterlijke vorm minder belangrijk wordt. Vind je het dan ‘mooi’? Of ‘goed’? Of is dat hetzelfde?

In mijn trainingen doe ik mijn uiterste best het woord ‘mooi’ te vermijden. Het zegt namelijk niet zoveel. Niet alleen heeft iedereen een andere smaak, maar iedereen verstaat ook nog eens iets anders onder het woord ‘mooi’. Je kunt beter woorden gebruiken die een eigenschap aanduiden, zoals ‘kleurrijk’, ‘rustgevend’, ‘druk’ of ‘ritmisch’.

Wat vind jij ‘mooi’? Maak je graag kunst die ‘mooi’ is, of vind je betekenis of expressie belangrijker in jouw kunst? Laat het eens weten, ik ben benieuwd!